
In stilte begraven: Frederik Bentsnijder krijgt laatste eer in Crooswijk
Algemeen 235 keer gelezenRotterdam - Stichting de Eenzame Uitvaart Rotterdam (dEUR) verzorgt samen met de gemeente Rotterdam waardige uitvaarten voor Rotterdammers die begraven worden zonder nabestaanden. Voor elke uitvaart schrijft een dichter een speciaal gedicht dat hij of zij voordraagt. Na afloop volgt een verslag. De Havenloods plaatst dit eerbetoon. Omdat we geen enkele Rotterdammer eenzaam het graf in willen laten gaan.
Dhr. Bentsnijder, eenzame uitvaart #71.
Maandag 15 juni 2026, 10.15 uur
Algemene Begraafplaats Crooswijk, Rotterdam
Dichter van dienst: Bianca Boer
Auteur verslag: Daniël Dee
Het is praktisch windstil en zwaar bewolkt wanneer we in de ochtend verzamelen op de Algemene Begraafplaats Crooswijk om afscheid te nemen van Frederik Bentsnijder (*21 november 1965 – †25 mei 2026, Rotterdam). Het is pas de tweede eenzame uitvaart van dit jaar in Rotterdam. Dat zijn er gelukkig niet veel, al zijn het er natuurlijk nog altijd twee te veel. We zijn met een kleine groep verzameld rond het graf: de voorloper, vier medewerkers van de uitvaartverzorging, een vertegenwoordiger van de gemeente, dichter van dienst Bianca Boer en ondergetekende. Meer mensen zijn er niet bij de begrafenis van een man die zestig jaar geleden werd geboren en die de laatste decennia van zijn leven grotendeels buiten het blikveld van anderen doorbracht.
Bianca Boer leest haar gedicht voor. Daarna nemen we een moment stilte in acht. Zonder veel woorden wordt afscheid genomen van Frederik Bentsnijder. Er valt ook niet veel te zeggen, want er is, zoals wel vaker, amper iets bekend. De heer Bentsnijder woonde ongeveer vijfendertig jaar op dezelfde etagewoning in Rotterdam-Noord. Hij was nooit gehuwd en liet geen kinderen na. Er is een broer, maar tussen beiden was al langere tijd geen contact meer.
Uit de beschikbare informatie rijst het beeld op van een teruggetrokken man, een kluizenaar, iemand die zijn eigen leven leidde. Na zijn overlijden bleef hij enige tijd onopgemerkt in zijn woning voordat hij door de politie werd gevonden.
Wanneer we de begraafplaats verlaten doet de hemel een aarzelende poging om te gaan miezeren, maar veel verder dan een paar verdwaalde druppels komt hij niet. De dag kabbelt voort zoals dagen dat doen. Later in de middag breekt zelfs de zon door en wordt het onverwacht warm. Tegen die tijd is iedereen alweer opgegaan in zijn eigen werkzaamheden, afspraken en besognes.
Diezelfde avond wordt bekend dat beeldend kunstenaar, programmamaker, schrijver, stemacteur en televisiepionier Wim T. Schippers enkele dagen eerder is overleden. Vrijwel alle Nederlandse nieuwsmedia besteden er aandacht aan. Terecht ook, gezien zijn betekenis voor de Nederlandse cultuur. Toch dringt zich onvermijdelijk een vergelijking op met de uitvaart van die ochtend. Terwijl het overlijden van de één landelijk nieuws wordt, verdwijnt het leven van de ander bijna geruisloos uit de geschiedenis.
Het contrast kan nauwelijks groter zijn. Het leven is niet eerlijk. Jammer maar helaas.
Maar ook een leven waarover weinig bekend is, is een leven geweest. Er was een huis. Er waren dagen, seizoenen, gewoontes en herinneringen. En op deze maandagochtend waren er, al waren het er maar een paar, mensen aanwezig om daar nog eenmaal bij stil te staan.
Wat er wel was
er was uw huis, dat weet ik, het huis was er
ik moet met het belangrijkste beginnen
vijfendertig jaar lang woonde u in dat huis
op een plek wonen is de geluiden kennen
weten hoe de struiken tegen de gevel schrapen
hoe de kraak in de gang het scharnier van de deur
op een plek wonen is weten bij welke wind
je de bovenramen moet sluiten om de klap voor te zijn
er was eens uw huis, het huis was er, en het dak
behoedde u voor regen en de muren behoedden
u voor mensen en de deur was meestal een deur
waardoor u naar binnen ging en soms een deur
waarmee de wereld buiten bleef
en toen die windvlaag
ze vonden u in uw huis, dat weet ik,
toen de deur openging was de dood bij u
haar zoete geur kwam naar buiten u niet
© gedicht Bianca Boer © verslag Daniël Dee © foto Daniël Dee















