Michiel Grauss bij de aftrap van de start van de campagne ‘Kom uit je schuld' in het najaar van 2019. Met ervaringsdeskundige Donovan. Foto: René Castelijn
Michiel Grauss bij de aftrap van de start van de campagne ‘Kom uit je schuld' in het najaar van 2019. Met ervaringsdeskundige Donovan. Foto: René Castelijn

Minder kinderen groeien op onder armoedegrens (zo lijkt het nu)

Algemeen 223 keer gelezen

Rotterdam - Onze stad eindigt ook het jaar 2021 als armste stad van Nederland. De stad waar meer kinderen in armoede opgroeien dan waar dan ook in ons land. Toch lijkt er reden voor voorzichtige blijdschap. Volgens de nieuwste cijfers leeft op dit moment ‘nog maar’ één op zes Rotterdamse kinderen onder de armoedegrens. Dat wás één op de vier.

Door Emile van de Velde

Helemaal up to date zijn de cijfers niet. Het gaat om berekeningen van het Centraal Bureau voor Statistiek die weliswaar onlangs gepubliceerd zijn, maar gemeten zijn per 1 januari 2020. Vóór de coronacrisis dus. Die pandemie is vast en zeker van invloed op de huidige situatie. Net als bijvoorbeeld de gevolgen van de toeslagenaffaire, regeringsbeleid en zelfs wereldwijde ontwikkelingen hun sporen in de Rotterdamse huishoudens nalaten.

Toch kijkt de Rotterdamse armoedewethouder Michiel Grauss met enige tevredenheid naar de trend van de armoedecijfers. “Kinderarmoede is altíjd iets om je zorgen over te maken. Dus de cijfers geven een dubbel gevoel. Wat we zien is iets om dankbaar voor te zijn, maar je ziet hier op het stadhuis geen vlaggen hangen. Elk kind dat in armoede opgroeit, is er eentje te veel. Maar we komen van 20,6 procent Rotterdamse kinderen onder de armoedegrens, en bij de laatste metingen van het CBS is dat 16,6 procent. Het streven is om kinderarmoede in 2030 gehalveerd te hebben, met deze dalende trend zou dat mogelijk moeten zijn.”

Grauss zoekt uiteraard naar de oorzaken van de daling. “De invloed van het gemeentebestuur op dit soort ontwikkelingen is altijd beperkt. Maar er is wel een onderdeel dat we de laatste jaren veel serieuzer zijn gaan nemen bij het bestrijden van armoede. Er is meer aandacht voor de invloed van stress op keuzes van mensen. De stress die schulden opleveren, de stress om elke dag eten op tafel te krijgen voor je kind, heeft invloed op beslissingen. Op bijvoorbeeld het invullen van formulieren, het maken van keuzes voor de toekomst.”

Hij vervolgt: “We leggen nu meer nadruk op wat we ‘stress sensitieve dienstverlening’ noemen. Dus niet aan mensen vragen hun problemen zelf op te lossen, maar náást ze gaan staan. Vragen wat mensen nodig hebben, waar ze hulp bij kunnen gebruiken. We proberen sámen problemen op te lossen. Dat begint bij het signaleren van die problemen. Daar zijn allerlei mensen mee bezig in de stad. Bij sportclubs, de huisarts, in de huizen van de wijk. Op sommige scholen zetten we nu zogenaamde medewerkers kansengelijkheid in die hulp kunnen geven aan ouders.”

De invloed van de coronapandemie is uiteraard onmiskenbaar. Net als de toeslagenaffaire: er zijn al 3700 Rotterdammers erkend als slachtoffer van onterechte fraudeverdenkingen met kinderopvangtoeslagen en de strenge terugvorderingen van de belastingdienst. Grauss: “We zijn weliswaar niet schuldig aan de toeslagenaffaire maar ook wij hadden niet voldoende oog voor de menselijke maat in ons incassobeleid. We hebben inmiddels meer aandacht voor sociaal incasseren en zijn aangesloten bij de schuldeiserscoalitie. Wat er door toedoen van de overheid met mensen gebeurd is tijdens de toeslagenaffaire kunnen we nooit meer goedmaken, ik vraag wat we nú nog kunnen doen, waar we mensen bij kunnen helpen.”

Grauss vergelijkt schulden met een coronabesmetting en de bijbehorende stress met ziek worden. “We moeten er vóór of snel na een besmetting met het schuldenvirus bij zijn. Daarna worden mensen ziek, en uiteindelijk volgt de dood, wat in dit geval bijvoorbeeld huisuitzetting is. En dán zijn we te laat.”

Uit de krant