
Onderhoud A15 dwingt Botlek-verladers tot andere routekeuzes
Zakelijk-nieuws-landelijk 61 keer gelezenSinds 22 augustus ligt de A15 tussen Maasvlakte en Vaanplein opnieuw grotendeels open voor groot onderhoud. Rijkswaterstaat vervangt asfalt dat aan het einde van zijn levensduur is, in fases tot eind 2027. Volgens de planning van Rijkswaterstaat duurt deze ronde tot 26 oktober en levert die in het weekend tot dertig minuten extra reistijd op; tijdens de meerdaagse afsluiting van de parallelbaan richting Europoort en Maasvlakte, van 16 tot 26 oktober, kan dat op werkdagen oplopen tot een uur. Voor bedrijven in de Botlek en op Europoort is dat geen incident maar een terugkerend gegeven: de weg tussen haven en achterland is al jaren de drukste verbinding van het land, en blijft dat de komende jaren met horten en stoten.
Een probleem dat al bekend is
Zuid-Holland Bereikbaar, het regionale samenwerkingsprogramma van overheid en bedrijfsleven rond bereikbaarheid, trok in 2019 al aan de bel over de combinatie van onderhoud en groeiend containervolume op de A15. Dat leidde tot het project Ultra Korte Termijn Maatregelen A15, kortweg KTM-A15: een samenwerking tussen vervoerders, verladers en expediteurs om containervolume tijdelijk van de weg te krijgen. Volgens de terugblik van Zuid-Holland Bereikbaar op dat project stonden de tellers eind 2023 op 870 TEU per dag die via binnenvaart of spoor liepen in plaats van over de weg, goed voor 327 vrachtwagens minder in de spits. Voor 2024 werd gerekend op 1.100 TEU en 500 vrachtwagens per dag; volgens de projectcijfers voorkwam dat samen ruim 6 miljoen euro aan economische schade door filevorming. Zesentwintig bedrijven deden op dat moment mee.
Het aardige van die cijfers is niet de omvang op zichzelf, maar wat ze zeggen over de knop waaraan gedraaid is. Niemand heeft nieuwe binnenvaartschepen laten bouwen of een spoorlijn aangelegd. Bedrijven hebben bestaande overslagcapaciteit op de Maasvlakte en in het achterland anders ingepland, laadtijden verschoven en containers via een hub tijdelijk gebufferd in plaats van direct doorgereden. Dat is precies het type maatregel dat ook nu, tijdens deze onderhoudsronde, weer beschikbaar is voor wie er niet pas aan begint op de dag dat de weg dicht gaat.
Wat een verlader daadwerkelijk moet regelen
De omschakeling van weg naar binnenvaart of spoor is geen knop die je op de ochtend van een afsluiting omzet. Wie volume van de truck af wil halen, moet een aantal dingen op orde hebben voordat de eerste container op een barge staat. Om te beginnen een contract met een operator die vaste afvaarten tussen de deepsea-terminals en een inlandterminal aanbiedt, met genoeg frequentie om leveringen op tijd te laten aankomen. Vervolgens een planning die rekening houdt met een langere doorlooptijd: binnenvaart is voorspelbaar, maar niet zo snel als een truck die rechtstreeks doorrijdt, en dat verschil moet in de keten worden opgevangen, bijvoorbeeld door iets eerder te bestellen of te lossen. En ten derde een plek om te bufferen wanneer de planning van klant en vervoerder niet precies op elkaar aansluiten, zodat een container niet alsnog op de weg belandt omdat er geen tussenopslag is.
Voor tankcontainervervoer, met chemie, food en feed als lading, komt daar een vierde punt bij: niet elke overslaglocatie is geschikt of vergund voor gevaarlijke of temperatuurgevoelige lading, en niet elke operator regelt dat gedeelte van de keten. In de Botlek is intermodaal transport daarom voor een deel van de verladers al langer de praktische route om structureel van de weg af te komen, in plaats van alleen tijdens een aangekondigde afsluiting. Wie dat pas regelt op het moment dat de weg al dicht is, komt te laat: operators plannen hun vaarschema’s en overslagcapaciteit ruim vooruit, en een instroom van extra volume op korte termijn is niet altijd op te vangen.
De onderhoudsplanning loopt door
Rijkswaterstaat werkt tot eind 2027 in fases aan het traject Maasvlakte-Vaanplein, met werkzaamheden die grotendeels in weekenden en tijdens vakantieperiodes plaatsvinden om het reguliere verkeer zo veel mogelijk te ontzien. Dat betekent dat deze ronde niet de laatste is. Voor verladers en expediteurs in het havengebied is de vraag dus niet of er nog een afsluiting komt, maar of de eigen logistiek daar dan al op is voorbereid, of dat opnieuw wordt gewacht tot de eerste file zich aandient.
![]()















