
‘Een kind dat hulp nodig heeft, kan niet wachten tot volwassenen klaar zijn met vergaderen’
Algemeen 356 keer gelezenRotterdam - Wouter Struijk, de kinderombudsman van Rotterdam-Rijnmond, schrijft elke maand over wat hij zoal tegenkomt in zijn werk.
Stel je voor: je kind zit vast. Het gaat niet meer op school. Thuis lopen de spanningen op. Je kind slaapt slecht, is somber of misschien zelfs bang voor zichzelf. Dan wil je als ouder maar één ding: hulp. Snel, duidelijk en dichtbij.
Maar te veel ouders krijgen iets anders. Ze moeten bellen, wachten, opnieuw hun verhaal vertellen en formulieren invullen. Het wijkteam zegt: dit is te ingewikkeld. Een andere instantie zegt: ga terug naar het wijkteam. Zo gaan ouders van het kastje naar de muur. En ondertussen wordt het thuis steeds erger.
Er ligt nu een nieuw wetsvoorstel over jeugdhulp: het wetsvoorstel Reikwijdte Jeugdwet. De naam klinkt ingewikkeld, maar de vraag erachter is heel gewoon: wanneer krijgt een kind hulp van de gemeente, en wanneer niet?
Het kabinet wil die grens scherper trekken. Dat gebeurt omdat de jeugdhulp piept en kraakt. Er zijn wachtlijsten, hulpverleners komen handen tekort en gemeenten worstelen met de kosten. Maar juist daar zit onze zorg. Strengere regels mogen er niet toe leiden dat kinderen die hulp hard nodig hebben straks vaker buiten de boot vallen.
Als Kinderombudsman Rotterdam-Rijnmond maak ik mij zorgen over dit wetsvoorstel, net als de kinderombudsmannen van Amsterdam, Den Haag, Utrecht, Nijmegen en Groningen. Want wij zien in onze steden nu al hoe moeilijk het voor ouders kan zijn om hulp te krijgen.
Een ouder meldt zich bij de gemeente. Daarna volgt vaak geen helder antwoord, maar een onderzoek, een nieuw gesprek, nog een formulier of een verwijzing naar een andere organisatie. Soms weet een ouder niet eens of er nu officieel ja of nee is gezegd tegen de hulpvraag. En zonder duidelijk besluit kun je ook niet goed bezwaar maken.
Dat klinkt misschien technisch, maar dat is het niet. Voor een gezin betekent het: nog langer wachten, nog meer stress en nog meer onzekerheid. Terwijl het kind waarvoor hulp is gevraagd gewoon doorgaat met vastlopen.
Wie geld heeft, kan soms zelf hulp regelen. Een coach, therapie of begeleiding. Wie dat geld niet heeft, moet wachten. Of valt tussen wal en schip. Zo worden de verschillen tussen kinderen groter. Niet omdat het ene kind belangrijker is dan het andere, maar omdat de ene ouder meer geld heeft of beter weet waar hij moet zijn.
Dat mag niet gebeuren. Hulp aan kinderen mag geen speurtocht zijn. Een ouder met zorgen moet niet hoeven uitzoeken welk loket verantwoordelijk is. Een kind dat vastloopt, heeft niets aan discussies over regels en geld.
Natuurlijk moet de jeugdhulp beter worden georganiseerd. Maar begin dan bij het kind. Dat is hun recht. Wat heeft dit kind nodig om veilig en gezond op te groeien? Wie helpt dit gezin verder? Wie zorgt dat het niet steeds wordt doorgestuurd?
Wij vragen om een wet die kinderen helpt, niet een wet die de deur naar hulp verder dichtduwt. Zorg voor één duidelijke route. Leg ouders begrijpelijk uit waar ze recht op hebben. Neem op tijd een echt besluit. En zorg dat ouders veilig kunnen klagen als hulp uitblijft.
Want achter elk dossier zit een kind. Een kind dat niet kan wachten tot volwassenen klaar zijn met vergaderen. Een kind dat hulp nodig heeft. Vandaag.
Loop jij tegen problemen aan met school, jeugdhulp of de gemeente? Kinderombudsman Rotterdam-Rijnmond biedt gratis en onafhankelijke hulp. Bel 0800-0802 (werkdagen van 09.00 tot 16.00) of kijk op www.orr.nl voor andere contactmogelijkheden.















