
Sezgin Güleç uit Hillesluis is hét comedytalent van Nederland (maar zelf lacht hij weinig)
Algemeen 2.498 keer gelezenRotterdam - Dit keer géén Rotterdammer van de Week. Stand-up comedian Sezgin Güleç (27) is niet zo van de titels, en zeker niet als ze maar een week gelden. Aan de titel ‘comedytalent van 2024’ (de Volkskrant), ontkwam hij niet. We spreken Sezgin op de plek waar hij al zijn interviews geeft: McDonald’s Groene Hilledijk, in ‘zijn’ Hillesluis. Zo’n basis zorgt ervoor dat hij niet afgeleid raakt door de omgeving, vertelt hij vanachter zijn rooibosthee.
Door Britte Kramer
Je reist het land door met je voorstelling Wild, Barbaars & Bloeddorstig. Wat kunnen we daarvan verwachten?
“Als mensen komen, willen ze stand-up comedy zien. Ik zorg dat die van de hoogste klasse is - als eten in een Michelinsterrestaurant. In mei sta ik in het oude Luxor. Voor de 26e zijn er nog kaarten.”
Vind je optreden spannend?
“Nee. Ik heb vliegangst, maar verder ben ik voor weinig dingen bang. Ik kom uit Hillesluis.”
Was je als kind de grappenmaker van de klas?
“Nee.”
Wat wilde je worden?
“Hartchirurg. Tot ik erachter kwam dat je dan in mensen moet snijden.”
Hoe werd je comedian?
“Ik keek extreem veel comedy; soms wel tien uur per dag. Ik wist dat ik het zelf ook kon, maar niet dat er een plek was waar je eraan kon beginnen. In december 2018 deed ik mee aan een open podium bij Toomler, nadat ik onderweg wat dingen had voorbereid. Drie maanden later was ik lid van Comedytrain. Dit werk is als chemotherapie voor mij: ik moet het doen, want anders ben ik nog miserabeler.”
Lach je niet veel?
“Nee. Ik vind het niet zo belangrijk. Lachen is afleiding. Het is niet goed als het op zichzelf staat; het moet een litteken achterlaten, anders heeft het geen waarde. Daarom is Theo Maassen belangrijk. Ik ga wel naar liveshows van mensen die ik tof vind. Maar een video van een man die z’n buik schudt en vlees snijdt is niet funny.”
Vanaf 10 april draait Fabula in de bios; dat was eerder de openingsfilm van het IFFR, waar je een flinke rol in speelt. Hoe was dat?
“Intens. Qua Limburgs leren en qua tijd. Mijn dag begint normaal om 2 of 3 uur ‘s middags, en tussen 4 en 5 uur ‘s nachts ga ik naar bed. Dat is mijn ritme, al sinds ik een kind ben. Op de set beginnen ze om 6.00 uur.”
Lees verder onder de video >
Wat kan je zeggen over de film?
“Het is een Coen Brothers-achtige film over drugscrimineel Jos. Na een verneukte drugsdeal moet hij met zijn schoonzoon Özgür, dat ben ik, zijn drugsverslaafde broer opsporen, zodat ze niet worden afgeknald door de Turks-Duitse maffia. Het is een zwarte komedie, mijn favoriete genre. Als ik het geen heel goeie film had gevonden, had ik het niet gedaan. Voor alles wat ik doe, heb ik tegen elf dingen ‘nee’ gezegd.”
Fijn dat je hier bent dan!
“De Havenloods is cool man. Ik heb er eerder in gestaan. Toen ik achttien was, hielp ik met een huiswerkproject voor jongeren. We wilden geld van de gemeente. Dat kregen we niet, maar we mochten wél in de krant.”
Hoe Rotterdams ben je?
“Wat moet ik zeggen? Sterker door strijd? Ik geloof niet in die shit. Rotterdam is gewoon een stad en het is toeval dat ik hier geboren ben. Ze proberen mensen trots te maken, zodat ze niet bezig zijn met hoe hard ze worden genaaid door de gemeente. Ik haat wat de stad vertegenwoordigt nu, met alle drugscriminaliteitbullshit. Rotterdam is een narcostad. Tyfuszooi. Multiculturele hel. Ik hou wél van al die goeie, hardwerkende, mooie mensen die daaromheen moeten leven hè. De mensen die op het juiste pad zitten en elkaar niet naaien of uitbuiten voor geld. Ik vind het jammer dat zij de stad nu als onleefbaar ervaren. Mijn advies aan iedereen die met een schoon geweten door het leven probeert te gaan: pak je spullen en ga weg als je de kans krijgt.”
En jij dan?
“Ik ga een boerderij in Barneveld kopen, want ik hou van paarden. Ik heb leren rijden van mijn opa in Turkije - als ruiter, niet als flikker, je weet toch. Geen zadel, geen outfit of zo.”
Verder nog toekomstdromen?
“Ik zou in de Kuip willen spelen met Patrick [Laureij, red.]. Najib en Jandino deden één show, maar wij richten ons op drie avonden. Pat is er al bijna, maar ik moet nog veel werken.”















