
Kralingen in de ban van het gas
Algemeen 5.105 keer gelezenRotterdam - De geschiedenis van Rotterdam in de twintigste eeuw is uiteraard niet exact in 1900 bij de eeuwwisseling begonnen. In de historische rubriek ‘Oh ja, zo was het’ laten we wekelijks een beeld van Rotterdam uit de vervlogen jaren van de 20e eeuw de revue passeren. Aflevering 55.
Rond 1900 telde Rotterdam diverse gasfabrieken: in Feijenoord (Persoonshaven), Kralingen (Oostzeedijk) en Rotterdam-West (Keilehaven). De gasfabriek produceerde vooral voor verlichting van straten, woningen en bedrijven. Dat gebeurde door kolen via zogenoemde ‘droge destillatie’ om te zetten in gas.
De Nieuwe Rotterdamsche Gasfabriek werd aan de Oostzeedijk in Kralingen gebouwd in 1852, ter aanvulling op de Gasfabriek Feijenoord. Later volgde een elektriciteitscentrale. De gemeente exploiteerde de gasfabriek van 1884 tot 1926.
Lees verder onder foto >
![]()
Lage Oostzeedijk met de gasfabriek met rails van het Kolentreintje.
Toen in de jaren ‘20 elektrische verlichting in zwang raakte, stopte de gasfabriek in Kralingen de productie en sloot zijn deuren. Vanaf de Oostzeedijk tot aan de Oude Dijk liepen leidingen en er stonden ook grote, opvallende gashouders. Deze gashouders bleven nog lang in gebruik als opslagplaats voor gas van elders; de twee laatste werden pas in 1972 gesloopt.
Tijdens het bombardement in de eerste oorlogsdagen van mei 1940 werd een deel van het complex, dat zich uitstrekte van de Oostzeedijk tot de Oudedijk, verwoest. Na de oorlog werd op dit stuk een nieuwe woonwijk gebouwd, de Vlinderbuurt. Wat resteerde van de oude gasfabriek ging in 1970 grotendeels in vlammen op, nadat jongeren voor de zoveelste keer brand hadden gesticht in de leegstaande gebouwen.
Het terrein van de voormalige gasfabriek in Kralingen bleek overigens danig verontreinigd. De sanering van dát terrein zou echter duren tot de jaren ’90.
De gasfabrieken in Feijenoord en aan de Keilehaven bleven draaien om gas te produceren voor (stads)verwarming en koken. Na de ontdekking van de gasbel in Slochteren werden de gasfabrieken overbodig, omdat Nederland toen overstapte op aardgas. In april 1967 staakte de gasfabriek aan de Keilehaven zijn productie, een jaar later gevolgd door die in Feijenoord.
![]()
Kralingen West. De laatste gashouders (rechts achterin) waren toen nog niet gesloopt. Foto: Dick Lemke, Stadsarchief Rotterdam, 1966
Zie voor aflevering 54:















