Mich Simon (Y.M.P.): 'Rotterdam zit in mijn aderen, dat loop, praat en ben ik.' Foto: Bas Losekoot
Mich Simon (Y.M.P.): 'Rotterdam zit in mijn aderen, dat loop, praat en ben ik.' Foto: Bas Losekoot

Op een emotionele feestdag blijken de dromen van Y.M.P. méér dan uitgekomen te zijn

Algemeen

Rotterdam - Je kon hem vorige week nog in de grote zaal van de Doelen zien optreden met het Rotterdams Philharmonisch Orkest, in juli organiseert hij het festival MOTIONS in het Zuiderpark en met Productiehuis Flow aan de Pleinweg heeft Y.M.P. grote plannen. Woordkunstenaar Mich Simon (34) is nog lang niet klaar. Deze week is hij onze Rotterdammer van de Week.

Door Emile van de Velde

We spreken je vandaag op een feestdag begrijp ik?

“Het is een emotionele dag ja. Het is precies tien jaar geleden dat ik uit de gevangenis kwam. Met een hoofd vol dromen stond ik na twee jaar weer buiten, op 13 maart 2013 was dat. Ik was veroordeeld omdat ik met een groep omging die diefstallen pleegde. Mijn tijd in detentie heb ik gebruikt voor reflectie, om aan een droom te werken. Nu kan ik wel concluderen dat de dromen die ik toen had méér dan uitgekomen zijn. Al ben ik nog lang niet klaar natuurlijk.”

Wat ben je toen precies gaan dromen? Hoe heb je die tijd besteed?

“Ik ben gaan lezen, heel veel gaan lezen. En heel goed na gaan denken. Was dit hoe ik mijn moeder wilde belonen toen ze uit Suriname naar Nederland kwam om mij kansen te bieden? Nee, natuurlijk niet. Dus ik besloot voor mijn kansen te gaan, spoken word-artiest te worden. Daar heb ik heel hard voor geoefend in die twee jaar.”

En daarna?

“Ik ben overal langs geweest, door heel Nederland. Overal heb ik op deuren geklopt, overal ben ik op het podium gestapt. En ben ik gaan optreden. Steeds langer, steeds beter. Ik kreeg kansen. En heb die gegrepen.”

Nu heb je hier al acht jaar Productiehuis Flow.

“Samen met mijn zakenpartner Big Jay. Iedereen die hier komt, doet iets in de voorstellingen die we maken. Soms op het podium, anders in de productie of waar ze ook maar goed in zijn. We zitten aan de Pleinweg, op Zuid. Waar anders? We willen groeien, hebben een loods hier in de buurt op het oog om een eigen theater van te maken.”

Kom je van Zuid?

“Ik ben opgegroeid in Zevenkamp. Mijn moeder zorgde voor mij en mijn oudere broer Dan. Maar ik was altijd op Zuid, er woonden veel neefjes en nichtjes hier. Ik zal nooit zeggen dat ik van de straat ben, meer ik kén de straat wel goed. Er heerst een sterk familiegevoel op straat, we zijn allemaal broers en zussen van elkaar. Houden de boel ook in de gaten, zorgen dat er geen gekkigheid gebeurt.”

En je ging ook op Zuid wonen.

“Nu woon ik aan de rand van Vreewijk. Mijn eerste plek toen ik uit huis ging, was hier aan de Pleinweg. Mijn kinderen Raziël (een zoon van 9) en Novelle-Elora (dochter van 4) zijn allebei op Zuid geboren. Dat wilde ik per se, de weken voor de bevalling gingen we Zuid niet uit, ze móésten hier geboren worden!”

Wat geef je je kinderen mee?

“Mijn moeder leerde mij om mee te gaan met de rest van de maatschappij. Ik leer mijn kinderen een stap verder te gaan en zeg tegen ze: ‘Jullie máken de maatschappij.’ Ik voed ze in vrijheid op en probeer ze mee te geven dat ze mogen dromen, gróót mogen dromen. Dat zij ook minister-president kunnen worden.”

Wat betekent Rotterdam voor je?

“Ik voel me meer Rotterdammer dan dat ik me Nederlander voel. Joh, ik maak mee dat ik buiten de stad complimenten krijg omdat ik zo goed Nederlands spreek, terwijl ik woordkunstenaar ben! Natuurlijk ben ik ook een trotse Surinamer, maar ik ben vooral Rotterdammer. Dat zit in mijn aderen, dat loop, praat en ben ik. Ik houd van de kracht van de stad, van de ambitie van de stad. Het liefst zit ik alleen op een bankje aan het Charloisse Hoofd en kijk ik over het water uit. Naar de bruggen, de Euromast, het ss Rotterdam, de haven. Dán kom ik echt tot rust, dán kan ik nadenken.”