Hugo Borst bij Weisbard, aan de Karl Weisbardstraat 175 in Little C. Je kunt er van woensdag tot en met zaterdag elke middag binnenlopen. 'Elke eerste donderdag van de maand is er 's avonds wat te beleven. Dat kunnen gesprekken zijn, optredens, films. Ik presenteer hier de nieuwe tv-serie over dementie die ik met Adelheid Roosen heb gemaakt. Misschien vertoon ik soms zelfs een voetbalwedstrijd!' Foto: Parisa Akbarzadehpoladi
Hugo Borst bij Weisbard, aan de Karl Weisbardstraat 175 in Little C. Je kunt er van woensdag tot en met zaterdag elke middag binnenlopen. 'Elke eerste donderdag van de maand is er 's avonds wat te beleven. Dat kunnen gesprekken zijn, optredens, films. Ik presenteer hier de nieuwe tv-serie over dementie die ik met Adelheid Roosen heb gemaakt. Misschien vertoon ik soms zelfs een voetbalwedstrijd!' Foto: Parisa Akbarzadehpoladi
Welkom in Weisbard

Gastheer Hugo Borst praat over kunst en zet een bakkie koffie

Algemeen 990 keer gelezen

Rotterdam - Hugo Borst zit in een luie stoel in een hoek van Weisbard. Hij is middenin een zin als hij een echtpaar naar binnen ziet schuifelen. Hij springt op, zorgt voor een welkom en gaat aan de slag met de koffie. Hugo Borst is gastheer. Enthousiast vertelt hij over de kunst aan de muren, deze maand foto’s van de Belgische muzikant Tom Barman.

Door Emile van de Velde

“Iedereen kan bij Weisbard binnenlopen, iedereen moet zich hier thuis voelen. Om rond te kijken. En om een gesprek te voeren. Ik heb geen kunstgeschiedenis gestudeerd, maar heb wel een ongelooflijke liefde voor kunst. Passie. Kunst staat bij mij voor onbeperkte vrijheid, voor grenzen opzoeken.”

Borst gaat weer zitten. En staat weer op. Er is een gezin met kleine kinderen gearriveerd en de foto’s van Barman (’Ik ga hier jonge talentvolle kunstenaars een kans even, maar wilde beginnen met een grote naam’) moeten natuurlijk niet beschadigd raken.

Lees verder onder de foto:


Tom Barman in Weisbard. Zijn expositie loopt tot 19 juni. Foto: Parisa Akbarzadehpoladi

Barman zelf is er ook, om net als die andere gastheer enthousiast over zijn werk te vertellen. Af en toe reist hij terug naar Antwerpen, want zijn band dEUS (1,7 miljoen albums verkocht) werkt aan een nieuwe plaat. “Als ik ergens exposeer wil ik er altijd zelf zijn, zoveel mogelijk. Ik vind het fijn om gastheer te zijn, om te praten met mensen. Wat je hier ziet, is tijdens tours met dEUS gemaakt. Nee, uit Rotterdam hangt er niets bij. Maar ik heb mijn camera bij me!”

Borst is ondertussen weer wat handdrukken en praatjes verder. Zijn vrouw belt, vanaf Art Rotterdam in de Van Nellefabriek. Even later is het gezin een kunstwerk rijker. “Ik ken mijn vrouw zó goed, had op Art Rotterdam iets gezien waarvan ik zeker wist dat ze het mooi zou vinden. Ze is nu even zelf gaan kijken. En heeft het gekocht ja.”

Hij vertelt over ‘de steen voetbal’ waar hij lang onder leefde. Soms heeft hij het idee dat hij alles al eerder heeft gezien. Maar hij stopt nergens mee nu hij vier middagen per week de gastheer uithangt. Langs de Lijn is sowieso een feestje om te doen. Schrijven kan hij ook ‘s nachts, in het privévertrek dat middenin in Weisbard aan het plafond hangt.

Weisbard wordt de plek waar Borst al langer naar zocht. Hij wordt dit jaar 60, maar al vijf jaar geleden, toen hij kanker kreeg, was er een soort kantelpunt. Hij besloot zijn passie voor kunst meer ruimte te geven. In zijn leven. En letterlijk.

“Ik had een appartement in de Witte de Withstraat. Daar schreef ik, ontving ik mensen. En liet ik ook mijn kunstverzameling zien. Maar het werd te klein. Dus ik ging op zoek naar iets anders. Iets ouds wilde ik. Nergens te vinden! Toen kwam mijn makelaar met Little C (het nieuwe wijkje aan de Coolhaven) aan. Ik was meteen om. Ik wist toen nog niet eens wie Weisbard was, wat zijn rol voor het Rotterdamse uitgaansleven van 100 jaar geleden geweest is.”

“Mijn liefde voor kunst heb ik van mijn moeder. De lezers kennen haar wellicht als een vrouw die dementerende was, maar dat is ze maar zes jaar geweest, een korte periode van haar leven. Ze stimuleerde me om naar musea te gaan, naar kunst te kijken. Toen ik tien jaar was, kochten mijn ouders een schilderij van Ap Knupker met Don Quichotte en Sancho Panza. Don Quichotte zat op zijn paard, Sancho Panza stond er naast, dronken, zijn lul uit zijn broek. Ik dacht ‘wauw, dat kán dus allemaal met kunst’, zonder beperkingen!”

Uit de krant