Gezicht bij de Heulbrug op de Rotterdamse Schie, Delftse Poort en Laurenskerk van Nicolaas Muys.
Gezicht bij de Heulbrug op de Rotterdamse Schie, Delftse Poort en Laurenskerk van Nicolaas Muys.

Bijzonder Rotterdams stadsgezicht uit 1780 keert terug naar de plaats van herkomst

Algemeen 330 keer gelezen

Rotterdam - Het Gezicht bij de Heulbrug op de Rotterdamse Schie, Delftse Poort en Laurenskerk door Nicolaas Muys (1740 – 1808) keert terug naar de plaats van herkomst. Het Rotterdamse stadsgezicht uit 1780 is afkomstig uit een Engels landhuis, het Widdicombe House in Stokenham, Devon,

Het schilderij zal in de toekomst te zien zijn in de voormalige Doopsgezinde Kerk aan het Haagseveer, tegenover de hier geplaatste reconstructie van de Delftse Poort. De Doopsgezinde Kerk zal worden getransformeerd tot Muziekwerf, de plek voor symfonische jeugdorkesten.

Stichting Droom en Daad verwierf het schilderij dit voorjaar op een veiling bij het Franse Hôtel des Ventes in Evreux. Het schilderij en de achttiende eeuwse rijk geornamenteerde lijst zijn nu zorgvuldig gerestaureerd. Lange tijd was niet eens duidelijk dat het om een Rotterdams stadsgezicht ging, maar het zijn toch wel degelijk onze Schie en onze Laurenskerk die Muys schilderde.

Werd het schilderij bij eerdere verkopen nog omschreven als Hollandse gracht of Stadsgezicht op Leiden, inmiddels zijn de locatie, de maker en datering bekend. De in Rotterdam geboren en gestorven Nicolaas Muys leerde, net als zijn twee jaar jongere broer Robbert, het vak van zijn vader. Muys bekwaamde zich in interieurschilderijen, topografisch nauwgezette stadsgezichten, tekeningen en grafiek. Ook schilderde hij decors voor de Rotterdamse schouwburg. De maritieme schilder Gerrit Groenewegen was zijn bekendste leerling. Het Rijksmuseum bezit werk van hem evenals het Museum Rotterdam en Museum Boijmans van Beuningen maar ook het Metropolitan Museum in New York. 

Nicolaas Muys was een actief lid van het kunstgenootschap ‘Hierdoor tot Hooger’ dat in 1773 werd opgericht om de kunstbeoefening in Rotterdam te bevorderen. De leden kwamen aanvankelijk samen in stadsherberg De Romeijn die vlak bij de Delftse Poort lag, later in de bovenbouw van de Delftse Poort zelf waarmee de voorloper van de Kunstacademie ontstond.

Links is de aanzet naar de Heulbrug over de Schie te zien. Deze brug, berucht vanwege zijn steile hellingen, markeert ter hoogte van de Bergweg de grens tussen de stadse bebouwing en de landelijke polder. Lange tijd woei hier de frisse polderwind de stad in en rook het naar vers gezaagd hout van de houtzagerij van Abraham van Stolk. Opvallend zijn de bomen aan beide zijden van de Schiekade die als belangrijke toegangsweg naar Rotterdam deze jaren bestraat zou worden. Napoleon zou bij zijn bezoek aan Rotterdam in 1811 hier de stad betreden.

Stadshistorisch is het schilderij bijzonder. Rotterdam is opvallend weinig vanuit deze kant geschilderd terwijl juist hier de belangrijke trekvaartverbinding met Delft en Den Haag voer. Een trekschuit is links te zien. Dagelijks voerde deze volgens een vaste dienstregeling tussen de Hollandse steden en vormde een vaste betrouwbare verbinding. Tegenwoordig raast hier het autoverkeer. De Delftse Poort verdween als laatste van de tien Rotterdamse stadspoorten met het bombardement van 1940. De Schie is gedempt met het puin van de verwoeste stad. Hiervan kennen we het gezegde dat de Schie eerst in Rotterdam lag en later Rotterdam in de Schie.

Pendant

Het Gezicht bij de Heulbrug op de Rotterdamse Schie, Delftse Poort en Laurenskerk is de pendant (een tegenhanger) van een tweede stadsgezicht, Het gezicht over de Maas, vanaf het veer te Katendrecht. Dit doek, waarvan slechts een zwart/wit afbeelding bekend is in het Rijksbureau voor Kunsthistorische Documentatie, wordt als pendant genoemd bij eerdere verkopen. Beide schilderijen zijn ooit gescheiden verkocht en de verblijfplaats van het tweede stadsgezicht is onbekend. Hopelijk duikt het in de nabije toekomst op en kunnen de beide pendanten weer verenigd worden. 

Uit de krant