Armoederegelingen voor Rotterdamse kinderen: te onbekend en te ingewikkeld!


<p><em>Stans Goudsmit is de kinderombudsman van onder andere Rotterdam.</em></p>

Stans Goudsmit is de kinderombudsman van onder andere Rotterdam.

(Foto: IsaG )

Armoederegelingen voor Rotterdamse kinderen: te onbekend en te ingewikkeld!

Rotterdam - Eén op de vijf kinderen in Rotterdam groeit op in armoede. Er zijn wel regelingen voor deze gezinnen, maar ze zijn onbekend en veel te moeilijk te vinden. Ook richten de regelingen zich op school en vrije tijd, terwijl kinderen vooral behoefte hebben aan een fijn thuis. “Om zo veel mogelijk kinderen te bereiken, is het nodig dat ouders en kinderen centraal staan. Dat is nu niet zo.”

Dat zegt gemeentelijke kinderombudsman Stans Goudsmit, in een rapport dat vandaag is verschenen. Elke gemeente heeft regelingen voor kinderen die in armoede opgroeien. Stans Goudsmit onderzocht die regelingen en sprak erover met kinderen en jongeren, onder andere in Rotterdam. Armoede heeft een gigantische invloed op het leven van kinderen. “Het is moeilijk als vriendinnen willen spelen maar je geen speelgoed hebt waardoor je nee moet zeggen”, vertelt een meisje.

Om kinderen in armoede toch zoveel mogelijk te laten meedoen, zijn er gemeentelijke armoederegelingen. Zo kunnen kinderen gratis op voetbal of dansles of kunnen ze een laptop of fiets voor school krijgen. Maar veel ouders en kinderen die de kinderombudsman sprak, kennen de regelingen niet. “De regelingen zijn slecht vindbaar op de gemeentelijke website. In Rotterdam staan ze op onlogische plekken, bijvoorbeeld onder het kopje ‘werk en inkomen’ en ‘wonen en leven’, en dan moet je doorklikken naar ‘schulden’. Maar een ouder die hulp zoekt om de muziekles van zijn kind te betalen, gaat daar niet zoeken.” Ook zijn folders met informatie te moeilijk en alleen in het Nederlands.

‘Fijn thuis is het belangrijkst’
Bovendien sluit het aanbod van de regelingen maar gedeeltelijk aan bij de behoeften van kinderen. “De kinderen en jongeren die ik sprak, vinden een fijn thuis het belangrijkste als er thuis armoede is. Dat er genoeg te eten is, kleren en elektriciteit bijvoorbeeld. Het aanbod dat er is richt zich echter niet op thuis, maar op school en vrije tijd”, zegt Goudsmit. Daarnaast geven kinderen en jongeren aan dat zij graag zélf informatie willen over de regelingen. En niet alleen via hun ouders, zoals nu gebeurt. “En ze willen meer leren over omgaan met geld. Armoederegelingen verzachten armoede, maar lossen armoede niet op.” Een deel van de regelingen sluit kinderen die in armoede opgroeien uit. Speciale aandacht vraagt de kinderombudsman voor mbo-studenten die jonger zijn dan 18. In de meeste gemeenten komen zij bijvoorbeeld niet in aanmerking voor een fiets of laptop.

Er wordt nog te weinig gebruik gemaakt van armoederegelingen en het aanvragen is te ingewikkeld, concludeert de kinderombudsman. “Elke regeling heeft een eigen procedure, met eigen regels en voorwaarden. Maar vaak hebben ouders die in armoede leven niet de energie die nodig is om al die stappen te zetten. Acht pagina’s doorlezen? Daar haken ouders af. Er is gemak, overzicht en duidelijkheid nodig.” Er wordt nu nog te weinig gebruik gemaakt van de regelingen.

Gemeente moet gesprek aangaan
De kinderombudsman is duidelijk: als de gemeente Rotterdam meer kinderen en jongeren wil bereiken, dan is het echt nodig dat ouders en kinderen centraal komen te staan. Stap één daarbij is met hen in gesprek gaan om hun behoeften en wensen te kennen. Dat gebeurt veel te weinig. “De gemeente moet kinderen en ouders betrekken. Kom achter dat bureau vandaan en ga aan de slag. Dat armoede een moeilijk onderwerp is, is geen goede reden om niet het gesprek aan te gaan”, aldus Goudsmit.

Stans Goudsmit is kinderombudsman in Rotterdam, Albrandswaard, Capelle aan den IJssel, Hellevoetsluis, Krimpen aan den IJssel en Vlaardingen.

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden