<p>Koningin Beatrix onthult in 1981 een monument ter nagedachtenis van omgekomen Joden in WO-II in de tuin van Stadhuis Rotterdam. Loeki Metz (l) maakte het. (Foto: Marcel Antonisse / Fotocollectie Anefo) (beschikbaar via Wikimedia Commons).</p>

Koningin Beatrix onthult in 1981 een monument ter nagedachtenis van omgekomen Joden in WO-II in de tuin van Stadhuis Rotterdam. Loeki Metz (l) maakte het. (Foto: Marcel Antonisse / Fotocollectie Anefo) (beschikbaar via Wikimedia Commons).

(Foto: Marcel Antonisse)

Jacques Zantman over zijn vriendin Loeki Metz (van de Loeki Metzstraat)

Rotterdam - Eerder dit jaar werd bekend dat een nieuwe weg die uitkomt op de Koninginneweg in Oud-IJsselmonde de ‘Loeki Metzstraat’ gaat heten. Jacques Zantman is daar helemaal voor en zette anekdotes over zijn joodse vriendin Loeki, bekend geworden als beeldhouwster en penningmaakster, op papier.

 ”Het was in de jaren ‘70 dat Loeki Metz bij mij in de garage aan het IJsselmondsehoofd kwam met haar auto, een oude Hillman Minx. ‘Meneer, ik ben tegen een paal aangereden toen ik uit Frankrijk in dichte mist reed.’ Het zag er niet best uit; het linker voorscherm zat goed in elkaar, ook het voorwiel stond scheef. De voorbanden waren zo afgesleten dat het gevaarlijk was om verder nog rijden. Met wat gebruikte onderdelen en banden was de Hillman na twee dagen klaar. ‘Jacques wil je de auto even langs brengen want ik heb het druk.’ Ik bracht de auto naar de Bovenstraat, waar zij woonde. Ze was een penning aan het maken van Spinoza. Ik vond het wel bijzonder. Ze bood mij een kop koffie aan en we maakten een praatje. Ze betaalde mij en zei ‘Jacques als je zin hebt kom je maar een keer langs’. En zo ontstond er een vriendschap.”

“Op een avond toen ik even bij haar langs ging vroeg ze ‘Jacques waar woon je?’. ‘Ik slaap in de schuur waar ik de auto’s maak.’ Ze keek een beetje verbaasd. ‘Heb je geen ouders?’ Jawel, maar ik ben in een kindertehuis opgegroeid. In het gesprek kwam naar voren dat de moeder van Loeki ook in een weeshuis opgegroeid was. Het bleek dat Loeki bewogen was door mijn situatie. Ik had toentertijd nog moeite met lezen en schrijven (ik heb dat pas goed geleerd toen ik 60 was, op het Albeda-college). Loeki deed dat altijd voor mij, officiële documenten en zo.”

“Loeki vertelde me over wat haar overkomen was in de oorlog. Dat de Amsterdamse politie aan de deur kwam en aan haar ouders vroeg of ze zich wilden melden op het politiebureau. Loeki zei: ‘ze vermoorden ons’. Haar vader zei: ‘Loeki, dat doen ze niet’. ‘Ik ga niet mee.’ ‘Loeki doe niet zo raar, dat gebeurt toch niet’. Loeki klom over de schutting. Haar vader pakte haar bij haar voet en probeerde haar terug te trekken. Loeki trok haar voet los. Dat was de laatste keer dat zij haar vader zag. Twee dagen later werd ook het huis van Loeki’s ouders leeg geroofd. In 1942 werden haar ouders vermoord in Auschwitz.”

“Alle juwelen en goud waren weg. Na de oorlog probeerde Loeki schadevergoeding te krijgen maar de gemeente ambtenaar vroeg een kwitantie. ‘Dat heb ik niet.’ ‘Dan had u ze moeten vragen.’ Loeki was in alle staten. ‘Wat denk je dat er met mij gebeurd was’, schreeuwde zij. ‘Ik was dan ook vermoord!’ Met heel veel moeite kreeg ze 5000 gulden, en Loeki heeft altijd moeite gehouden met ambtenaren en mensen in uniform.”

“De Hillman ging naar de sloop, en Loeki kocht een Chevrolet impala. Op weg naar de Rechtbank in Amsterdam werd zij aangehouden door een motoragent: ‘Mevrouw, uw papieren graag, uw richtingaanwijzer knippert niet.’ ‘Kijk maar eens goed’, zei Loeki. De politieman ging voor kijken en nu deed die het wel, maar hij zag ook dat Loeki de richtingaanwijzer heen en weer deed. ‘Mevrouw, u doet dat!’ ‘En?’, zei Loeki, ‘hij knippert toch?’ ‘Ja, omdat u hem aan en uit zet.’ ‘Dan doet hij het toch, of niet?’ De politieman gaf de papieren terug en zei ‘rijden maar’. Loeki gaf vol gas; een harde klap en de Chevrolet kwam tot stilstand. ‘U rijdt over mijn motor heen!’, zei de politieman. ‘U zei toch: rijden maar!’ ‘Ja, maar niet over mijn motor!’ De agent zei: ‘Mevrouw, het is uw schuld’. ‘Dat denk ik niet, het is een obstakel op de openbare weg. Tevens heeft u mij misleid, het is uw schuld.’ Een rechtszaak was het gevolg.”

Meer berichten

Het lokale nieuws in uw mailbox ontvangen?

Aanmelden